Banner Ga naar biografie Ga naar voorwoord Ga naar themaboekjes Ga naar links Ga naar register Ga naar Duitse Teksten Ga naar downloads

BD.4117
4 september 1947

Groot leed - Grote genade

Zeer groot leed is een bijzondere genade ofschoon dit voor u onbegrijpelijk is, want Mijn liefde wil u mensen niet laten ondergaan in de roes van de wereld en stelt er daarom momenten van dreigende nood tegenover om u tot nadenken te bewegen. Anders zou de ziel leeg vertrekken en geen succes hebben te boeken in haar geestelijke ontwikkeling.

Leed moet altijd beschouwd worden als een middel om de mens hulpeloos en zich van zijn zwakheid bewust te maken. En zodra het leed er toe bijdraagt dat de ziel zich tot Mij wendt, dat zij tot Mij komt om hulp en zich ootmoedig aan Mij toevertrouwt, is het heel zegenrijk en daarom als een genadegeschenk te bezien. Want leed voert tot Mij, terwijl door de vreugden van de wereld, alsook door ieder aards genot, het tegendeel wordt bereikt.

Leed laat de mensen bidden, en zonder gebed is er geen verbinding mogelijk van u uit met Mij. Zonder gebed kan de genadegave u niet gegeven worden, want gebed toont de wil en het verlangen naar Mij. Dan kan Ik de mens tegemoet komen en hem voor het vervullen van zijn bede geven wat hij nodig heeft.

Blijft echter de mens van lijden verschoond dan volhardt het lichaam in zijn afweer tegenover de geest als deze zich aan de ziel zou willen openbaren, opdat de mens de juiste leiding en onderrichting kan aannemen. Dit laatste echter is absoluut nodig voor de geestelijke vooruitgang, voor het bereiken van een hoge graad van rijpheid van de ziel, dat deze door de geest wordt onderwezen en hierdoor zich met de geest verenigt. Daartoe moet Ik u echter absoluut met Mijn kracht hulp verlenen en moet er dus eerst om verzocht worden daar de vrije wil van de mens doorslaggevend is, in leed wordt deze echter tot een beslissing aangespoord.

Leed kan echter ook een mensenhart verharden. Dan drijft de mens af en streeft niet meer omhoog en dan is er geen ander middel meer dat meer succes zou hebben dan dit. Meestal echter voert het leed tot Mij, veelal vervolmaakt de mens zich door leed en dan heeft dit zijn doel bereikt. Dan moet hij Mij er echter ook dankbaar voor zijn en het ook als genade erkennen, want lichamelijk leed is geen blijvende toestand en het is buitengewoon zegenrijk als u maar wilt dat u volkomen wordt.

Dan zult u er Mij eeuwig voor danken en in die toestand van inzicht is u ook het aardse leven gemakkelijker verklaarbaar. U zult u dan ook in de tijd van grote nood weten te helpen, want u leeft dan uw leven niet meer alleen, maar met Mij, want u opent uzelf voor Mij in het gebed en ontvangt dan kracht die u weer naar eigen wil zult kunnen gebruiken en ook zult benutten voor uw geestelijke vooruitgang - want dit is uw roeping.

Amen