Banner Ga naar biografie Ga naar voorwoord Ga naar themaboekjes Ga naar links Ga naar register Ga naar Duitse Teksten Ga naar downloads

BD.0687
27 november 1938

De zegen van ziekte en leed

Een toestand van lijden dwingt de mens vaak zijn gehele leven nader te overzien, en dat is zowel gunstig voor de ziel en ook heel vaak voor het lichaam, omdat de mens in het besef van zijn verkeerd denken en handelen een verandering van zijn wezen nastreeft, die ook een gunstige uitwerking op het lichaam kan hebben in dit opzicht, dat een beschaafde levenswandel tot handhaving van een gezond lichaam, of tot genezing van een ziek lichaam belangrijk kan bijdragen. Vaak moet het lichaam door ziekte en zwakte worden getroffen om de mens te laten beseffen dat zijn levenswandel geheel tegen Gods orde ingaat. Want alle waarschuwingen en vermaningen die God de mens laat toekomen, bewerken niet wat ziekte vaak tot stand brengt. De mens is nu in zekere zin gedwongen zich van de wereld en haar vreugden af te wenden en hij ziet dan het aardse leven in een heel ander licht.

Hij ziet dan in de broosheid en hulpeloosheid van het lichaam en het gevoel van eigen zwakheid, het onvermogen zich uit deze toestand te bevrijden, en dat brengt hem onwillekeurig op hogere geestelijke gedachten. Hij zal zich dan veel eerder met vraagstukken bezig houden waar een gezond mens helemaal niet aan denkt. En zulke gedachten kunnen aanleiding zijn te veranderen, doch alleen als hij er zich niet tegen verzet. Dan kunnen ook de geestelijke wezens hun arbeid aan de ziel van zo'n mens beginnen doordat ze hem steeds meer beïnvloeden, dat hij vragen stelt die hem door de geestelijke wezens door heldere gedachten beantwoord worden. Hij wordt dan meer en meer in een geestelijke atmosfeer geleidt die hem weldadig aandoet en hem meer innerlijk laat worden.

Hij zou een zeer lange tijd nodig hebben gehad eer hij in het aards gewoel tot hetzelfde inzicht gekomen was. Die tijd zou voor de ziel nutteloos voorbij zijn gegaan, maar zo kan soms een korte tijd al voldoende zijn om hem aanzienlijk verder te brengen.

Daarom moet leed de mens niet ongelukkig maken, maar moet het zelfs als een bewijs van liefde van de eeuwige Godheid worden aangezien. Dit zal die mens spoedig inzien die door dat leed de juiste weg genomen heeft en hierop nu verder kan gaan, om ijverig te werken voor het heil van zijn ziel.

Amen