BD.8281
24 september 1962
Het gevaar van arrogantie
Wie zich Mijn woord ter harte neemt: "U bent allen zondaars"
zal ook in diepste deemoed blijven, hij zal niet arrogant zijn en ook
geen hard oordeel vellen, want het inzicht zelf nog niet volmaakt te zijn,
zal hem er steeds aan laten denken dat hij een zwak mens is die Mijn kracht
en versterking nodig heeft en hij zal met een deemoedig hart tot Mij komen
en Mij erom vragen.
Wie daarentegen van zichzelf en zijn eigenwaarde overtuigd is, diens wezen
zal hoogmoed verraden, die zal zich boven zijn medemensen verheffen en
deze aanmatiging zal zich uiten in geringschatting van anderen, in liefdeloos
oordelen en in de mening een hoger weten te bezitten en daardoor ook geen
onderrichting meer nodig te hebben, of deze nu van aardse of geestelijke
aard is. Steeds zal de arrogante mens geloven dat niveau bereikt te hebben
vanwaar hij op de medemensen kan neerkijken.
En de verwaandheid, die hem in de diepste diepte liet neerstorten, is
waarlijk deel van Mijn tegenstander, want hij verhief zich boven Mij,
zijn God en Schepper en van de geschapen wezens trok hij een grote schare
met zich mee de diepte in. Aan al deze gevallen wezens kleeft nog veel
van de arrogante geest, wanneer ze als mens hun laatste wilsproef moeten
afleggen. En de verwaandheid is een teken van onvolmaaktheid, dat heel
bedenkelijk is, waartegen de mens nu moet strijden in het aardse leven,
tot hij geheel deemoedig wordt tegenover Mij en zich dan ook tegenover
zijn medemens niet groter zal voordoen dan hij is, maar het volste begrip
heeft voor diens zwakheden, omdat hij zelf zijn eigen onvolmaaktheid inziet.
Bij een juiste band met Mij hoort echter diepste deemoed en zodra de mens
bekent dat hij zondig is en zich als zodanig ziet, zal hij ook tot Jezus
Christus zijn toevlucht nemen en Hem smeken hem vrij te maken. De deemoed
zal hem met innigheid laten roepen tot Hem en hij zal genade vinden voor
Zijn ogen, want "de deemoedige schenk Ik Mijn genade".
En geen mens kan van zichzelf aannemen dat hij volmaakt is, zolang hij
op aarde leeft. Hij kan alleen een hogere graad van inzicht bezitten,
maar juist dit zal hem steeds deemoediger laten worden, omdat hij de grootte
van zijn God en Schepper beseft en de oneindige liefde die deze God en
Schepper Zijn schepselen schenkt, die het schepsel wel onuitsprekelijk
gelukkig maakt, maar hem niet verwaand laat worden.
Arrogantie is steeds nog een teken van gebrekkig inzicht, want de tegenstander
probeert het licht te verduisteren, de tegenstander heeft nog vat op de
mens wanneer deze van zichzelf en zijn eigenwaarde overtuigd is. U allen
hebt nog erg te strijden tegen dat euvel, want steeds weer zal Mijn tegenstander
u een verkeerd gevoel van meerderwaardigheid inblazen, hij zal steeds
weer de kunst verstaan een zwakke plek te vinden, waar hij in u een gevoel
van eigendunk kan wekken.
En u moet daarom op uw hoede zijn en elk gevoel van verwaandheid in de
kiem trachten te smoren, want altijd moet u eraan denken dat uw Heiland
en Verlosser Jezus Christus de weg van de diepste deemoed is gegaan om
juist voor uw val door hoogmoed verzoening tot stand te brengen. U moet
aan Zijn kwellingen en lijden denken die die verzoening van Hem eiste.
En u moet weten dat uw gang over de aarde het gevolg is van die val in
de diepte, die de hoogmoed veroorzaakt heeft.
De terugkeer naar Mij kan alleen over de weg van de deemoed plaatsvinden
en de weg over de aarde moet u dit inzicht brengen dat u zwakke hulpeloze
wezens bent, die Mijn liefdevolle hulp nodig hebben om weer omhoog te
klimmen, en die Mij steeds maar weer om hulp moeten vragen als ze de weg
over de aarde met succes willen afleggen. Wie echter nog een arrogante
geest heeft, is nog ver van Mij en zal Mij ook moeilijk vinden. Want de
ware liefde, die de naaste omvat, kan zich in hem ook niet ontplooien;
maar hij zal zich in zijn verwaandheid verre houden van Hem, Die hij liefde
moet schenken. En daar een mens alleen maar rijp kan worden door een leven
in liefde, zal de arrogante mens geen geestelijke vooruitgang boeken,
maar op hetzelfde niveau blijven staan, als hij tenminste niet helemaal
afzinkt, omdat Mijn tegenstander hem nog gekluisterd houdt.
Strijd daarom tegen deze kwaal en oefen op uzelf scherpe kritiek uit,
dan zult u fouten ontdekken, die u klein laten worden en u zult afdalen
van de troon die u voor uzelf hebt opgericht in het verkeerd taxeren van
uw betekenis. Alleen de deemoed zal u rijp laten worden, want dan zult
u genaden van Mij ontvangen in overvloed. Ik zal Zelf Me over u ontfermen,
want in de deemoed komt u dichter bij Me en uw gebed tot Mij zal innig
en volovergave zijn en Ik zal uw smeekbede inwilligen. Ik zal u tot Me
trekken als Mijn kinderen, want u hebt u dan definitief afgescheiden van
Mijn tegenstander, die daarom tot Mijn tegenstander werd, omdat hij zich
verhief boven Hem, uit Wiens kracht hij was voortgekomen.
Amen |