BD.5617
9 maart 1953
Vaderhuis en gelukzaligheid
U zult uw intrek moeten nemen in Mijn Vaderhuis, u zult verblijven
in eeuwigheid daar, waar Ik u eerst had geplaatst om allergelukzaligst
werkzaam te zijn. Maar dan zult u uw God en Vader van eeuwigheid kunnen
zien in Jezus Christus.
Ik Zelf zal onder u zijn en uw gelukzaligheid zal onmetelijk zijn en blijven,
want in eeuwigheid komt er aan de heerlijkheid in Mijn rijk geen einde.
Wat u, mensen op aarde zult kunnen bereiken, is zo onbegrijpelijk en overweldigend,
dat u niets anders meer op aarde zou nastreven, als u zich deze heerlijkheid
voor zou kunnen stellen.
Maar u zult, zonder daarvan op de hoogte te zijn, moeten streven naar
Mijn rijk, u zult in vrije wil in uw Vaderhuis moeten terugkeren, omdat
dan pas uw lotsbestemming de gelukzaligheid is, welke als voorwaarde heeft,
dit het wezen in vrije wil de volmaaktheid heeft bereikt.
Ooit is deze gelukzaligheid voor u weggelegd, doch aan uzelf is het overgelaten,
hoe lang u uw terugkeer in het Vaderhuis nog wilt uitstellen, uzelf bepaalt
de tijd, en die kan al bij uw lichamelijke dood ten einde zijn en u de
volmaaktheid op deze aarde hebben opgeleverd.
Ik wacht op allen en Ik houd voor ieder van u de woning bereid. Laat u
zich door deze woorden van Mij aangesproken voelen, laat u aansporen er
ernstig naar te streven naar Mij te komen in Mijn rijk, stel u zich het
heerlijkste lot voor en toch zult u niet bij benadering het juiste beeld
hebben van datgene wat Ik heb bereid voor de mijnen, voor de mensen die
Mij liefhebben uit heel hun hart en heel hun ziel.
En dit alles zult u kunnen bereiken als u Mijn geboden maar onderhoudt:
Mij en de naaste te beminnen.
U zult u alleen door onbaatzuchtige naastenliefde zo moeten vormen, dat
het geestelijke rijk met zijn licht u kan opnemen zonder dat u vergaat.
Dan zult u uw Vaderhuis kunnen betrekken, dan kom Ik Zelf u tegemoet en
leid u naar alle heerlijkheden toe, en u wordt in Mijn nabijheid met Mijn
Liefde doorstroomd en zult dan onbeschrijfelijk gelukzalig zijn en blijven
tot in alle eeuwigheid.
Amen |