BD.5775
25 september 1953
Knechten van de satan
Hoe onmetelijk diep zijn de mensen gezonken, aan wie het
leven van de medemensen niet meer heilig is, die zich onbarmhartig als
rechters over hun broeders en zusters opwerpen en oordelen naar willekeur,
hen van de vrijheid beroven en hun schade toebrengen aan lichaam en ziel.
Het zijn gewillige knechten van de satan, duivels van zin, totaal zonder
enige liefde, onrechtvaardig in denken en handelen. Het zijn waarlijk
tot duivels geworden mensen die geen barmhartigheid meer verdienen en
die daarom onschadelijk gemaakt moeten worden als de tijd gekomen is.
De tegenstander van God bedient zich van hen en ze voeren gewillig uit
waartoe hij hen aandrijft.
Er is geen liefde meer onder de mensen en nog veel minder rechtvaardigheid,
ieder zoekt alleen eigen voordeel en dwingt dit ten koste van de medemensen
van hen af. En het zijn geen op zichzelf staande gevallen meer, maar de
gehele mensheid beweegt zich in deze richting hoewel niet steeds duidelijk
zichtbaar, maar in hun gedachten zondigen eveneens veel mensen - die niet
verafschuwen of veroordelen wat duidelijk het werkzaam zijn van de satan
is. De wereld is aan schanddaden die ten hemel schreien gewend. Ze duldt
ze in plaats van daar tegen op te komen, ze helpt niet waar hulp nodig
zou zijn. En het aantal duivels groeit elke dag en hun slechte daden vermeerderen
zich.
Er zal echter een tijd komen waarin ieder zich voor God moet verantwoorden,
daar niemand zich voor Hem kan verbergen en waarin alle schanddaden openbaar
worden. De mensen geloven niet meer in een God, ze geloven niet aan een
Rechter voor Wie ze zich moeten verantwoorden en ze geloven niet aan een
vergelding. Maar ze zullen tot op de laatste cent hun schuld moeten betalen,
er zal hun niets worden kwijtgescholden, elk onrecht zal zijn genoegdoening
eisen en de vrijheid die ze misbruikten, zal worden omgezet in een gevangenschap
die ze eeuwigheden lang moeten verdragen, omdat anders hun schuld niet
kan worden gedelgd, omdat ze zich anders niet kunnen verbeteren.
Alleen het diepst gezonkene moet zulke kwellingen verdragen, maar voor
het einde van deze aarde zullen de mensen in de diepste diepte zijn beland,
en de aarde zal, buiten de kleine schaar Gods getrouwen, alleen nog maar
duivels te zien geven, vertegenwoordigers van diegene die daarom op aarde
woedt, omdat hij weet dat hij niet veel tijd meer heeft. Ook nu is deze
al lang onmiskenbaar aan het werk, want hij zet de mensen aan tot wreedheden,
tot leugens en intriges, hij brengt de mensen die hem niet ter wille zijn
in de grootste nood.
De satan heeft zich belichaamd in zijn helpers en handlangers. En de wereld
is vol zonde. De tijd van rampspoed is begonnen die het einde inleidt
en ze zal verlopen zoals het verkondigd is in woord en geschrift. De vervolging
van diegenen die hem niet ter wille zijn zal beginnen, van hen die God
trouw blijven en Hem willen dienen en die daarom een tijd van strijd moeten
doorstaan die tegen God Zelf is gericht. Maar dan is het einde daar, dan
is de tijd vervuld en aan de activiteiten van de satan wordt een einde
gemaakt. Dan is het de dag van het gericht, waarop rekenschap wordt geëist,
waarop de Rechtvaardigheid van God alles vereffent, waarop ieder zal ontvangen
wat hij verdient.
Amen |