BD.8212
12 juli 1962
Eenwording van kerkgenootschappen?
Er is geen mogelijkheid, dat de kerkgenootschappen tot overeenstemming
komen, omdat ze alle aan misvormde leren vasthouden en niet proberen zich
er los van te maken. Want alle richten hun aandacht op uiterlijke handelingen.
Ze verdedigen alle een christendom, dat niet het wezenlijke is van datgene,
wat Jezus als "Zijn door Hem gestichte kerk" bestempelt. Want
deze kerk is een geestelijke aaneensluiting. Haar leden leiden een levend
christendom, dat de mensen van binnen uit omvormt, maar dat niet is te
vergelijken met het christendom, dat in de geloofsgemeenschappen wordt
uitgedragen, dat zich voornamelijk houdt aan uiterlijke gebruiken. Dat
talloze handelingen en ceremoniën heeft aangenomen en deze dus voorop
stelt en de innerlijke omvorming van het wezen van de mens tot liefde
achter stelt en daarom nooit tot een ware verbinding met God, tot geestelijke
wedergeboorte kan komen, die echter wezen is van de kerk, die Jezus Zelf
op aarde heeft gegrondvest. Geen van de geloofsgemeenschappen zal de overleveringen
opgeven. Er zal er niet één van hen ter wille van de andere
van iets afzien, wat echter alleen mensenwerk is en voor God geen waarde
heeft.
De strijd tussen de geloofsgemeenschappen gaat om die verschillen, die
zelf in de loop der tijd werden geschapen. Maar aan de eigenlijke misvorming
van de geestelijke leer werd niet gedacht, die de verwarring pas heeft
teweeggebracht en die met alle ijver werd verdedigd als oerreligie, die
evenwel alleen in de waarheid is te vinden, die Jezus Zelf op aarde leerde
en die intussen ook werd misvormd en die geen van de bestaande geloofsgemeenschappen
meer behartigt en kan uitdragen, omdat daartoe het werkzaam zijn van de
Geest noodzakelijk is, dat alleen door het nakomen van de goddelijke geboden
van de liefde kan worden verkregen. En juist dit gebod werd wel geleerd,
maar er werd allerminst acht op geslagen, omdat aan alle andere -
door de mensen toegevoegde - geboden, meer aandacht wordt geschonken,
die echter waardeloos zijn, omdat ze niet van God uit gingen, maar puur
mensenwerk zijn en daarom geen duurzaamheid hebben en geen invloed op
de positieve ontwikkeling van de menselijke ziel, op haar rijp worden
op aarde.
Het goddelijke Woord van Jezus op aarde, dat de mensen de gehele waarheid
onthulde, is zo verkeerd uitgelegd, dat deze uitleggingen geleid hebben
tot veel verkeerde gebruiken. En de tegenstander van God heeft daarbij
zijn hand in het spel gehad, doordat hij de geest van de mensen in verwarring
bracht, wat bij de eisen van die verschillende geloofsgemeenschappen merkbaar
was, die zich steeds dan splitsten, wanneer de mensen streden over de
geestelijke betekenis van de Woorden van Jezus. En zulke strijdvragen
verdedigde elke geloofsgemeenschap naar de graad van haar inzicht of de
geestestoestand van diegenen, die van zichzelf geloofden aangesteld te
zijn, maar die zelf niet tot de kerk van Christus behoorden, daar anders
hun geest verlicht zou zijn geweest en ze zich zouden hebben losgemaakt
van de bestaande geloofsgemeenschappen of geestesrichtingen. Wel streden
ijverige aanhangers voor hun verkregen inzicht, wanneer ze al verder waren
gevorderd in de rijpheid van hun ziel, maar ze konden zich nooit handhaven
of ingang vinden, omdat hun tegenstanders nooit bereid waren af te stappen
van een tot stand gebracht werk, dat alleen bestond uit verkeerde menselijke
handelingen, die nooit stroken met de goddelijke Wil, omdat ze niet met
de zuivere waarheid overeenstemden.
En ofschoon een samengaan van geloofsgemeenschappen is beoogd, zullen
ze toch niet van die menselijke instellingen afstappen en hun best doen
de ware kerk van Christus op te bouwen, die een innerlijk leven van de
mens vraagt, dat in overeenstemming met de goddelijke Wil is en dat van
geen enkele uiterlijke handeling afhankelijk is, maar alleen van een leven
in liefde; dat de verbinding tot stand brengt met God en de mensen een
levend geloof oplevert, evenals volledig begrijpen van de waarheid, die
door het werkzaam zijn van de Geest in de mens wordt verkregen, dat alleen
het kenmerk is van de kerk, die Jezus Christus op aarde heeft gesticht.
En zolang de mensen niet loskomen van formaliteiten, waardoor ze ook vele
mensen helemaal van het geloof afbrengen; zolang ze zelf niet proberen
de innerlijke opwekking te beleven, die een werkzaam zijn van de Geest
en een helder verlicht denken tot gevolg heeft, zolang zullen het tevergeefse
pogingen zijn om tot een eenwording te komen, want ze verenigen zich dan
niet in de waarheid, maar blijven vasthouden aan de verkeerde geestelijke
leer, wat hen echter geen zegen zal brengen voor hun ziel.
Amen |