BD.6796
1 april 1957
"Wie in de liefde blijft" - Vreemde goden
Voor u, mensen, is alles tot zegen, wat u tot een verbinding
met Mij brengt, omdat het doel van uw leven op aarde is: de scheiding
van Mij - waar uzelf eens opzettelijk naar streefde - op te heffen, dus
u nu weer in vrije wil met Mij te verenigen. En wat u daarbij helpt is
dus ook goed te noemen. De wil naar Mij te gaan is dus doorslaggevend,
dat u uw doel op aarde zult bereiken en deze wil houdt ook in, dat u een
levenswandel leidt die Mij opnieuw welgevallig is, want nooit zult u vanuit
deze ernstige wil Mij opnieuw willen bedroeven; nooit zult u er genoegen
in hebben te zondigen, wanneer uw wil en uw liefde op Mij zijn gericht.
De verbinding met Mij wordt echter alleen maar door dit ene tot stand
gebracht: dat u de liefde beoefent, omdat Ik Zelf ben waar de liefde is.
"Wie in de liefde blijft, blijft in Mij en Ik in hem". Zonder
liefde is er geen band met Mij, al zou de mond nog zo luid en vurig mogen
verzekeren, dat de wil op Mij is gericht. Pas de liefde is het bewijs
ervan, want de liefde en Ik zijn hetzelfde en Mij erkennen en Mijn Wil
vervullen staat gelijk met in liefde werkzaam zijn.
Dat zult u, mensen, moeten weten, dat niemand dichterbij Mij kan en zal
komen, die zonder liefde voortleeft. Pas de liefde verbindt ons en de
liefde bewijst het zich afgekeerd hebben van Mijn tegenstander en de terugkeer
naar Mij. Uw val in de diepte was een zich afkeren van Mij en een afwijzen
van Mijn Liefde, dus ook algehele liefdeloosheid. De verandering van uw
wil op aarde moet daarom daarin bestaan, dat u verlangt weer door Mij
te worden aangestraald en dat u nu ook in uzelf weer liefde doet ontbranden,
die u weer met Mij verenigt.
Hoe ernstiger nu deze wil in u is, des te meer zult u zich in gedachten
bezighouden met Mij, met uw God en Schepper van eeuwigheid, Die door u
als Vader gezien en bemind wil worden. En spoedig zal uw denken zijn vervuld
van Mij, want dan ga Ik Zelf niet meer bij u vandaan, Ik geef u niet meer
terug, Ik tracht onophoudelijk uw liefde te winnen, omdat de liefde de
meest vaste band is, die ons verbindt en die niet meer verbroken kan worden
door vijandelijke macht.
Ik wil uw gehele liefde bezitten. U mag geen andere goden hebben naast
Mij. U zult op niets anders met dezelfde liefde mogen aansturen, want
wat u in uw binnenste nastreeft of liefhebt, is uw God, het doet er niet
toe of het eer en roem, aardse goederen of ook door u beminde mensen zijn.
U zult niets hoger mogen waarderen dan Mij, Ik wil voor u het hoogste
en begerenswaardigste Wezen zijn in de hemel en op de aarde. Ik wil uw
gehele hart en zolang u het nog deelt, is de verbinding met Mij nog niet
tot stand gekomen, want dat, wat uw hart volledig in beslag neemt, staat
tussen Mij en u.
De wil van ieder mens is vrij, hij kan zich richten op wat hij wil, maar
het doel op aarde is alleen maar dan bereikt, wanneer hij zich richt op
Mij. Het grote gevaar bestaat daarin, dat de mens velerlei zaken begerenswaardig
voorkomen en dat Mijn tegenstander hem alles onder ogen brengt om hem
terug te houden van die innige verbinding met Mij en dat hij ook de mensen
vertrouwd maakt met schijngoden, om de gedachten af te leiden van Mij,
want het zijn allemaal vreemde goden, die de gedachten van een mens vullen,
wanneer Ik Zelf niet de inhoud van zijn innerlijkste gedachten ben.
Daarom zult u, mensen, uzelf ernstig moeten onderzoeken, wie of wat u
het meest bezig houdt, u moet u afvragen of u Mij zo nabij bent als een
kind zijn Vader, of de verbinding met Mij uw eerste en enige doel is en
u moet alles uit uw gedachten bannen, wat zich tussen Mij en u plaatst,
u moet Mij de eerste plaats inruimen in uw hart en geen enkele concessie
doen. Want uw terugkeer naar Mij kan alleen plaatsvinden door de vereniging
met Mij en deze zult u zelf in vrije wil moeten zoeken en vinden, omdat
geen ander hem voor u tot stand kan brengen.
Amen |