BD.1081
4 september 1939
Wolkenformatie aan de hemel - Jezus' lijden en
sterven
Een zichtbaar teken laat God, de Heer van hemel en aarde,
u toekomen, omdat Zijn Macht en Heerlijkheid moet blijken. Dit is voorbestemd
sinds eeuwigheid en moet u op zo'n duidelijke manier voor ogen worden
gesteld, dat u vol verbazing het maaksel van goddelijke Almacht en Liefde
zult aanschouwen.
U meent, dat het wolkje aan de hemel onbelangrijk is en toch bevat ze
hetzelfde leven, dat ook met uw eigen zijn overeenkomt. En God leidt ook
dit leven naar Zijn Wil en vormt bijgevolg met een wijze bedoeling de
wolkenformatie zodanig, dat het lijden en sterven van de Heer aan het
kruis duidelijk zichtbaar is en u zult aan het kruis Diegene herkennen,
Die de wereld verloochenen wil; u zult verstarren van ontzetting of ook
jubelen, al naar gelang u Hem afwijst of Hem in uw hart draagt. De laatste
zal Hem blijven aanbidden en hij die ver van Jezus Christus afstaat zal
het beeld van zich af willen schudden. En de Heer wil dit dus. Hij wil
de mensen nog een teken van Zijn Genade en Liefde geven, want het wordt
hun daardoor makkelijk gemaakt te geloven; het geloof in Jezus Christus
als Verlosser van de wereld te laten herrijzen als ze het hebben verloren,
of ook het geloof tot een onwankelbare sterkte te laten aangroeien. En
de mensheid probeert dit wonder van goddelijke Liefde opnieuw te weerleggen.
Ze interpreteert het als een verschijnsel, gevormd door het toeval, dat
echter zonder enige betekenis is en ze zou de goddelijke beschikking teniet
willen doen.
Doch alle menselijke verklaring ten spijt zal de formatie aan de hemel
onveranderd blijven, zodat ieder dit kan waarnemen. En dit zal tot gevolg
hebben, dat ook de mensen, wier opvatting het hun verbiedt welk mystiek
verschijnsel dan ook als geloofwaardig aan te nemen, tot nadenken worden
gestemd. Het tijdstip is gekomen, waarop de mensen buitengewone verschijnselen
zullen kunnen worden gegeven, zonder hen door dwang ertoe te brengen te
geloven, want de mensheid is zodanig nuchter denkend geworden, dat ze
elk verschijnsel, al is het nog zo zonderling, wetenschappelijk,
dat wil zeggen met het verstand, uitlegt en dus elk geestelijk inwerken
van niet doorgronde krachten ontkent.
En zo brengen zulke verschijnselen de vrije wil van de mens niet meer
in gevaar. Ja veel eerder kan men erop rekenen, dat deze wetenschappelijke
verklaring bij de mensen meer weerklank vindt dan die, dat het verschijnsel
een teken van boven zou zijn. En weer zullen alleen de God zoekenden,
de in liefde levende mensen, het zichtbare werkzaam zijn van de eeuwige
Godheid onderkennen en daarom wordt er wederom de mensen een bewijs van
de genade van goddelijke Liefde gegeven, die slechts weinige als zodanig
beseffen.
De Heer heft de wetten der natuur voor korte tijd op en juist dit zou
de onderzoekers te denken moeten geven. Maar waar de wil ontbreekt om
de zuivere waarheid in te zien, daar zouden zelfs de sterren hun normale
loop kunnen veranderen en de zonnen hun straling verliezen, dat zou de
harde wil van de mens niet breken; veeleer zou hij des te hardnekkiger
de wetten der natuur trachten te doorgronden en tenslotte zich steeds
verder van het juiste inzicht verwijderen. Daarom is ook dit teken - zo
buitengewoon als het is - wel een rechtstreekse toezending van genade,
maar alleen voor diegene wiens gemoed het wonderbare van het verschijnsel
inziet, of daarover begint na te denken. Wie echter gevoelloos het beeld
aan de hemel bekijkt en helemaal geen moeite doet conclusies te trekken,
maakt evenwel geen gebruik van dit toesturen van genade, want voor hem
blijft het verschijnsel niets anders dan een door de gril van het toeval
gevormde formatie van de meest zonderlinge aard, want zijn verstand begrijpt
nog niet, omdat het hart nog niet werkzaam is in liefde, dus ook niet
in staat is diepere wijsheden op te nemen.
Amen |