BD.3184
9 juli 1944
God laat de geloofsstrijd toe
De mensen zullen door wereldse verordeningen in de grootste
conflicten geraken, en die tijd is niet ver meer af. Zij zullen gedwongen
worden openlijk een standpunt over hun geloof in te nemen, en God laat
dat toe omdat het nodig is dat de mensen zich bezighouden met de vraag
over hun zieleheil - en waar zij tot nu toe geen aandacht aan besteedden.
Hij laat toe dat zij door aardse macht verdrukt worden en in een noodtoestand
geraken ter wille van hun geloof, opdat zij een duidelijk besluit nemen
hoe ze tegenover hun geloof staan. Hij laat ieder mens zijn vrijheid,
dat wil zeggen: door God wordt geen mens gedwongen Hem te erkennen als de innerlijke
stem hem er niet toe beweegt God trouw te blijven en hij zich door deze
Stem innerlijk gedwongen voelt Hem voor de wereld te belijden.
God laat deze innerlijke waarschuwer en vermaner spreken waar nog twijfel
heerst en de mens een zwakke wil heeft. Hij zal allen bijstaan die nog
twijfelen en Hij zal Zich aan hen openbaren, en als de mens van goede
wil is zal hij ook weten hoe te beslissen want de lichtwezens aan wie
hij toevertrouwd is zullen hem helpen en zijn gedachten in de goede richting
leiden.
Veel mensen zullen echter het kostbaarste weggooien, namelijk het geloof in
Jezus Christus als Goddelijke Verlosser. Zij zullen zonder bedenken de
wereld kiezen en hun ziel in grote nood brengen. Dezen vermaant God eerst
nog doordat Hij hen Zelf tegemoet komt door Zijn werktuigen, doordat Hij
ze de kracht van het geloof leert kennen en zodoende buitengewone bewijzen
geeft die tot geloven kunnen leiden als zij niet geheel weerspannig zijn
tegenover God.
Daarom laat God de strijd tegen het geloof toe en laat het vormen aannemen
die de verdorvenheid der mensen kenmerkt want Hij wil Zich in die tijd
Zelf openbaren opdat die mensen gered worden die nog slechts een flinke
aansporing nodig hebben om tot geloof te komen.
Hij zal daarom ook de aardse macht niet hinderen als zij openlijk optreedt
tegen de mensen die God belijden want nu worden de mensen gedwongen een
beslissing te nemen die bijzonder belangrijk is voor de ziel. Zij bestemt
het lot van de ziel in de eeuwigheid of zij ten leven of ten dode ontwaakt
wanneer zij van de aarde scheidt. Dus, opdat de mensen nog de juiste beslissing
nemen tracht God hen nog tevoren tot inzicht te brengen.
Hij tracht hen te beïnvloeden door aardse en door geestelijke dienaren
die hen bijstaan als zij niet weten wat ze moeten doen. Maar Hij zal hun
wil niet dwingen, daarom is het noodzakelijk dat de mensen van aardse
zijde uit tot een beslissing gedwongen worden en hun zo de vrijheid van
handelen verzekerd is.
Amen |