Banner Ga naar biografie Ga naar voorwoord Ga naar themaboekjes Ga naar links Ga naar register Ga naar Duitse Teksten Ga naar downloads

BD.8104
17 februari 1962

De motivering van de catastrofe

In de laatste tijd vóór het einde zal Ik een grote mate van genade uitgieten over de mensen, want Ik ken hun zwakheid. Ik ben op de hoogte van hun geestelijke duisternis, van hun hang naar de aardse wereld en hun verlangen naar aardse rijkdom, eer en roem. En Ik weet dat zij gevangen worden gehouden door Mijn tegenstander en zich door hun zwakheid niet uit zijn klauwen kunnen bevrijden. En daarom probeer Ik de mensen hulp te brengen op verschillende manieren, want ieder mens heeft bijstand nodig in zijn geestelijke nood. Maar Ik weet ook wat ieder mens persoonlijk nodig heeft en verzorg hem naarmate hij is ingesteld tegenover het leven zelf of tegenover Mij, want Ik wil ieder in 't bijzonder voor Mij winnen.

De mensen weten door eigen schuld echter niet dat Mijn tegenstander hen gevangen houdt, als zij de aardse goederen begeren. Zij weten niet van het eigenlijke doel van hun bestaan op aarde en daarom proberen zij ook niet aan zijn macht te ontvluchten. Maar juist deze mensen die met al hun zinnen vast zitten aan de materie moet Ik in het bijzonder te hulp komen, ook als deze hulp door hen niet wordt geaccepteerd. Ik moet dus have en goed van hen wegnemen, Ik moet hen in omstandigheden laten komen waarin zij de vergankelijkheid leren inzien van al wat de wereld toebehoort.

Ik moet hun dus leren hun eigen machteloosheid in te zien opdat zij in hun onmacht en nood aan Mij denken, en Mij dan bewust aanroepen om hulp. Ik wil nog bereiken dat zij Mij nu kunnen vinden, omdat zij Mij in de wereld niet gevonden hebben en ook moeilijk vinden kunnen. Deze openbaring van Mij zal de mensen wel smartelijk beroeren, maar Ik kan ze anders niet laten opschrikken uit hun onverschilligheid.

En toch is ook in de eindtijd deze openbaring weer een bewijs van Mijn Genade, want een innig gebed uit het hart tot Mij en de verhoring er van kan de mens nog tot Mij doen keren. Hij verwijdert zich dan niet meer van Mij maar bidt vanaf dat moment om Mijn leiding, en vertrouwt zich ook geheel aan Mij toe. En dan heb Ik hem gewonnen en aan de tegenstander ontrukt, die dan zijn macht over hem verloren heeft.

U, mensen wilt in de afzonderlijke gebeurtenissen alleen de verwoesting zien en er lichtvaardig over oordelen. Maar dat het een genade Mijnerzijds is daaraan moet u steeds denken als u hoort van gebeurtenissen, waarin het leven en de have van de mensen in gevaar is. Gebeurtenissen waartegen de mensen machteloos zijn en zelf alleen naar mate van hun zwakke krachten kunnen helpen. Ik ben op de hoogte van de wil van ieder mens, dus ook van de mogelijkheid om dwalende zielen de juiste weg te tonen. Ik zal Mij dus ook waarlijk bekommeren om ieder mens die in geest en waarheid tot Mij bidt en om Mijn hulp smeekt.

De tijd van het einde geeft aanleiding tot zulke gebeurtenissen die geen menselijke wil kan tegenhouden, als Ik ze bepaald heb. En nog vaak zult u mensen overgeleverd zijn aan het woeden van het natuurgeweld, zelden echter zult u daarin Mijn liefdevolle voorzorg zien voor uw zielen die zich in groot gevaar bevinden. Ik wil u helpen uzelf los te maken van Mijn tegenstander, wat moet geschieden door een innig smekend roepen tot Mij. Pas dan erkent u Mij als uw God en Schepper en ziet ook het vergankelijke in van alles wat Mijn tegenstander nog toebehoort. Probeer u dus vrij te maken van het verlangen naar aardse goederen en materie, want wat u nodig heeft zult u te allen tijde ontvangen als u zich met Mij verbindt. Als u uw eigenlijke aardse opdracht inziet en probeert na te komen.

Laat u echter niet gevangen nemen door Mijn tegenstander, want hij stelt u de dingen van de wereld zo begeerlijk voor ogen dat Ik Zelf moet ingrijpen om u te tonen dat u ze steeds kunt verliezen, als dat volgens Mijn Wil is. Het zijn voor u wel smartelijke ingrepen maar zij kunnen u tot zegen zijn. Want Die van u neemt kan u ook altijd geven, en Hij zal dus iedereen bijstaan in zijn nood die zich in vol geloof aan Hem overgeeft en om Zijn hulp bidt.

Herken daarom in elk natuurgebeuren steeds Mijn Wil, want hij is steeds bepaald door Mijn Liefde en Wijsheid en zal ook u tot zegen zijn als u de juiste houding vindt tot Mij, en het ware levensdoel op aarde inziet. En dan zult u ook steeds nader tot Mij komen en alles wat Ik in het einde van deze tijd over de mensen laat komen, zien als genadegaven.

Amen